Vermeldingen in de tag "Intentie"

Onze Egoïstische Strijd Met Baby’s

Dr. Michael Laitman‘Jozef’ vertegenwoordigt een punt in de mens, dat alleen kan groeien als het zich in Farao’s koninkrijk bevindt (het egoïstische verlangen). Het kleine vonkje Licht heet ‘kleine kaars’ (Ner Dakik). De ‘kleine kaars’ plaatst zichzelf met opzet in het ego, omdat hij in het ego groeit en het uiteindelijk verandert in liefdevol geven. Daarom ging Jozef naar Egypte en ontwikkelde hij zich daar (breidde zich uit) (dit is de betekenis van zijn broers die bij hem kwamen). Hij vertegenwoordigt een lichtvonkje dat zich alleen kan ontwikkelen in het menselijk ego.

Egoïsme is zo geconstrueerd, dat het alleen waarde kan hechten aan iets dat het als ‘lucratief’ (bijzonder aangenaam) beschouwt. Alleen vervuld worden, wat benoemd wordt als ‘het werk van de vrouw’, wordt als ‘voordeel’ ervaren, dit in tegenstelling tot een overweldigende vervulling, ‘het werk van de man’ genaamd. Daarom staat er geschreven, dat Farao verordende, dat iedere Joodse jongen gedood moest worden en dat de meisjes in leven konden blijven.

Wij baren ‘zonen’ en dan doden wij hen, omdat we geen idee hebben hoe we moeten omgaan met intenties van liefdevol geven. Dan worden zij opnieuw geboren, door onze pogingen om in ieder geval op minimaal niveau te geven, maar ons ego doodt opnieuw deze pogingen. Ons verstand erkent, dat wij liefdevol moeten geven en wij doen zelfs ons best om zulke intenties voort te brengen, maar dan doen wij ze opnieuw teniet met ons ego.

Het is ons werk om te erkennen, dat wij door onze verlangens onze ‘zonen’ kunnen baren en hen dan weer vernietigen. Wij zijn doodsbang door wat wij gedaan hebben en door het feit dat wij niets meer over hebben. Nadat wij door deze kwelling zijn heengegaan en ons hebben gerealiseerd, dat wij volkomen onmachtig zijn om hier ook maar iets aan te doen, verkrijgen we stapje voor stapje een nieuw verlangen: een nieuwe Reshimo die ons van informatie voorziet, deze Reshimo heet ‘Moshe’ (Mozes).

‘Moshe’ begint in Farao’s huis te groeien en tot ontwikkeling te komen. Het lijkt erop alsof hij van Farao komt. Farao ontwikkelt hem en brengt hem groot, onderwijst hem wijsheid en geeft hem kracht. Nadat hij 40 jaar in het paleis van Farao heeft doorgebracht, heeft Moshe alles gekregen, behalve kennis over de Schepper.

Moshe groeide verder in zijn verlangens, die gecorrigeerd werden, maar hij voelde dat hij ze niet kon omzetten in liefdevol geven, ondanks al zijn inspanningen. Dan is hij zover dat zijn verlangens langzamerhand het ‘punt van Moshe’  verkrijgen, namelijk de lichtvonk die eerst verborgen was in de mate waarin hij totaal ongrijpbaar was. Maar de lichtvonk bleef groeien. Daardoor blijven we ‘zonen’ baren, namelijk intenties om te geven. Wij geloven, dat we in staat zijn om te geven en steeds weer ‘doden’ wij onze pogingen daartoe.

Een mens blijft zijn ‘zonen’ uitroeien, totdat hij zich, met groot verdriet, begint te realiseren dat alle pogingen om te geven nergens toe leiden. Wij baren een ‘zoon’ (intentie om te geven), wat in feite ons volgende niveau is, dat ons regelrecht leidt naar de ‘uittocht’ uit Egypte. Deze stap is het resultaat van onze inspanningen, die we in de groep verrichten, dit resultaat komt voort uit onze huidige daden. In zekere mate verkrijgen we ook werkelijk een verlangen om liefdevol te geven, maar later bekoelen we en handelen we weer vanuit egoïsme. Dit betekent dat Farao onze pasgeboren kinderen ‘verslindt’.

From the 1st part of the Daily Kabbalah Lesson 4/9/12, Writings of Rabash

Alleen Degene Die Tot Alles Bereid Is Zal Ontsnappen

At the Arava ConventionRabash, Dargot HaSulam (De treden van de Ladder) 924: “En de Heer sprak tot Mozes: Een mens is niet in staat om van nature ook maar iets van Boven te ontvangen, totdat hij tot het besluit komt dat hij niet boven zijn natuur kan staan. Alleen wanneer hij wanhoopt over zijn eigen natuur, kan hij hulp vragen aan de Hemel, zodat hij hulp zal krijgen boven zijn eigen natuur uit.”

Wij moeten proberen om ons met elkaar te verbinden en daden te verrichten van liefdevol te geven, om het Corrigerende Licht op te wekken. Als het Licht ons beïnvloedt voelen we meer en meer hoe wij niet in staat zijn om ons met elkaar te verbinden. Er staat geschreven: “Kom tot Farao, want Ik heb zijn hart verhard”. Als wij gelijkvormig willen worden aan de Schepper, komen wij dichter bij Hem en tegelijkertijd voelen wij, dat we van Hem weggetrokken worden.

Hier moet een mens speciaal werk verrichten: hij vlucht niet voor de strijd, maar hij begrijpt dat dit verharden van het hart hem zal helpen om de noodzaak van de kracht van geven te ontdekken, ongeacht welke voorwaarden dan ook en wat er ook gebeurt. Uiteindelijk is een mens tot alles bereid, het doet er niet toe wat er van hem gevraagd wordt, onafhankelijk van de voorwaarden, de groep en de wereld. Hoe dan ook, het belangrijkste is de kracht van geven te verkrijgen, de kracht van verbinding.

- Waarom? Wat zul je erbij winnen?

- Niets, behalve de kracht van het geven zelf.

Het is niet voldoende om er alleen over te praten. We moeten proberen om deze houding naar anderen te bereiken, door ons werk in de groep en door disseminatie. Het hoeft niet uiterlijk zichtbaar te zijn, maar als een mens probeert om anderen te bereiken, ontmoet hij werkelijk de koning van Egypte en ziet hij, dat zijn ego hem geen enkele vrijheid geeft.

Dan gaat een mens door de ‘Tien Plagen van Egypte’ en hij beseft hoe zijn ego zich, onder de invloed van een speciale kracht van Boven, geleidelijk aan overgeeft. Elke keer verheft ‘Farao’ zijn stem en dringt aan, dan krijgt hij opnieuw een klap. Dit maakt een mens los van zijn ego en stelt hem in staat om er uiteindelijk aan te ontsnappen.

Waaruit ontsnappen? Een mens ontsnapt aan Farao, dat wil zeggen aan de kracht die scheiding aanbrengt tussen hem en de anderen. Eerst gaat het alleen over een ontsnapping, er bovenuit rijzen, daarna begint een mens praktisch te werken aan verbinding. In Egypte, in het verlangen om te ontvangen, kon hij dat niet doen. Zo bereiken wij de ‘Schenking van de Torah’, namelijk voor elkaar garant staan, en begint de periode van de ‘veertig jaar in de woestijn’.

From the  4th part of the Daily Kabbalah Lesson 4/4/12, Writings of Rabash

Het Licht Zal Alles Beantwoorden

Dr. Michael LaitmanHet maakt niet uit hoeveel iemand begrijpt, waar hij is, in welke staat, deze staten veranderen ook voortdurend, afhankelijk van zijn niveau. Hoe hoger we stijgen, hoe vaker de staten veranderen, en in ieder van ons vinden er ook stijgingen, dalingen en verschillende schommelingen plaats, overeenkomstig het niveau waarop we ons bevinden.

Daarom maakt het niet uit in welke staat, graad of situatie we ons bevinden, het is echter belangrijk om hulp te vragen. Dat komt, omdat alle veranderingen alleen door het corrigerende Licht plaatsvinden. Ik kan op een baby lijken die niets begrijpt en geen idee heeft van wat er met mij wordt gedaan: ik onderga allerlei operaties, acties en behandelingen, ze geven me een beetje te eten en dwingen me tot een en ander. Het zijn allemaal verwarrende en onaangename toestanden, waarin er meer vragen zijn dan antwoorden. Toch moet het corrigerende Licht mij overal een antwoord op geven. Ik heb niets anders om naar toe te gaan, niemand om iets aan te vragen, alleen het Licht.

Dit Licht is verborgen in onze verbondenheid, in het centrum van de eenheid van mensen die verlangen naar het Licht. Het bevindt zich tussen hen. Voor zover ze opgenomen willen worden in dat Licht, dat tussen hen aanwezig is, onthullen ze het.

Daarom gaan we naar de woestijn*, ver weg van de rest van de wereld, en willen we innerlijke concentratie bereiken.

*Geschreven op 11 februari 2012

From the 2nd part of the Daily Kabbalah Lesson 2/7/12, The Zohar

De Vraag Naar Geven Verfijnen

Dr. Michael LaitmanWij hebben een gerechtvaardigde eis: Wij herhalen hetzelfde steeds weer, als wij proberen om met elkaar tot eenheid te komen. “Wanneer is dit voorbij? Wanneer krijgen we wat we willen?” Het antwoord is eenvoudig: Als de wil om het te willen niet meer in ons aanwezig is.

Rabash in ‘Shlavei HaSulam (Treden van de Ladder)’, 1989, artikel 12: ‘Een Zegen en een Vloek’: Een mens moet weten dat ieder begin van het werk ‘dag’ heet en het gebed van een mens, waarin hij vraagt of de Schepper hem dichter bij het werk wil brengen heet ‘dag’.

Dankzij onze gebeden en vragen, dankzij onze wederzijdse verbinding die we bouwen tussen de Schepper en ons, maken we ons verzoek duidelijker en verfijnen we het, totdat wij in staat worden gesteld om de spirituele wereld te voelen. ‘Een gebed’ is het werk van het hart: perfectioneren, zuiveren, voorbereiden. Als wij vragen, eisen en het uitschreeuwen, wordt ons gebed tot een verbinding met de Schepper die via de groep tot stand is gekomen en tot ‘een gebed van de velen’ is geworden. Dit is de enige manier om Hem te bereiken.

Als wij alles op de juiste manier doen, zijn we voortdurend bezig met het perfectioneren, verhelderen en voorbereiden van onze kelim (vaten) van waarneming om er spiritualiteit in te gaan voelen. Op weg er naartoe vragen wij: “Geef mij!” maar langzamerhand beginnen wij onze verlangens en eisen te verfijnen en richten wij ze op liefdevol geven, op het vormen van eenheid met de vrienden, op het onderscheiden van de vorm van alomvattend geven - de Schepper - in deze eenheid, die onthuld wordt volgens het principe ‘kom en zie’.

En zo bereiken het verstand en wat wij in onze kelim voelen de juiste parameters en wordt het voor ons mogelijk om de spirituele wereld te voelen. Deze wereld bestaat hier en nu, we bevinden ons erin, maar we voelen het niet …

Daarom is een gebed een proces, waarin we onze kelim voor de spirituele waarneming voorbereiden.

Schreeuw Vanuit De Leegte

Dr. Michael LaitmanVraag: Hoe kunnen we onszelf beschermen als de Schepper zich aan ons onthult, als onze Reshimot (informatieve genen) en verlangens veranderen en op ieder niveau dat ons gegeven wordt, worden vernieuwd?

Antwoord: Dit is waar, maar we moeten het eerste principe niet over het hoofd zien, dat stelt dat het enige wat we hoeven te doen is werken aan onze verlangens en vragen, het resultaat komt van Boven. Zelfs als we misschien wel voor duizend verwarrende situaties komen te staan, het maakt geen verschil. Alles wat we hebben te doen is een verlangen voorbereiden voor elke staat.

Er is totale verwarring om ons heen, we kunnen niet nagaan wat voor innerlijke verbindingen er zijn en we begrijpen niets. We hoeven ook niets te begrijpen: het enige wat we hoeven te doen is willen. Wij hoeven een situatie niet te begrijpen en de fragmenten van het hele plaatje tot een geheel te maken. Het is onze taak om ertoe bereid te zijn om met de hulp van het corrigerende Licht alles met elkaar te verbinden. Hoe meer verwarring, hoe beter.

Als we op een verkeerde manier naar ons innerlijk werk kijken, lijkt het erop dat we helemaal niet verder komen. We raken steeds meer in de war en gefrustreerd, als we terugkijken worden we bang door gebeurtenissen in de afgelopen jaren en als we vooruit kijken, zien we zelfs geen sprankje hoop. Rabash zei eens tegen me: “Bij het verlaten van een les moet je je leger voelen dan de dag ervoor, anders was de les niet succesvol.”

De les moet eindigen met een gevoel dat we niets hebben.”Wat moet ik doen?” roep ik dan uit. Mijn schreeuw moet hoorbaar zijn.

From the 3rd part of the Daily Kabbalah Lesson 1/26/12, “Study of the Ten Sefirot

Op Zoek Naar Een Spirituele Partner

Dr. Michael LaitmanOngeveer 40 jaar gelden werd een scheiding als iets onfatsoenlijks beschouwd, tegenwoordig is het gebruikelijk geworden. Mensen begrijpen niet waarom ze zouden trouwen, kinderen krijgen en waarom ze met elkaar hun levenspad zouden vervolgen!

Als men het antwoord op deze vraag niet kan vinden, voelt een mens geen behoefte om een gezin te hebben en kinderen te krijgen. Ik kan alleen blijven en zo aangenaam mogelijk leven, wat er later zal gebeuren interesseert me niet. Tegenwoordig is dit de manier waarop het ego zich verhoudt tot het leven.

Als ik echter een hoger Doel ontdek, hoe er deuren geopend kunnen worden naar een andere wereld, naar een eeuwige intentie en hoe dat zelfs in het hier en nu kan plaatsvinden, zal ik mij hierdoor verplicht voelen om een gezin te stichten, hoewel ik weet dat het een grotere verantwoordelijkheid van mij vraagt en een aantal verplichtingen, zoals mijzelf ondergeschikt maken aan het Doel en gaan beseffen hoe belangrijk het Doel is.

Dan trouw ik met een vrouw, niet vanuit mijn dierlijke instinct, maar als resultaat van mijn zoektocht naar een spirituele partner! Mijn vrouw staat altijd naast me en wordt een wegwijzer, door haar onderzoek ik of ik nog op het juiste spoor ben.

En zo bereiken wij het Doel dat ons met elkaar verbindt, in plaats van elkaar alleen maar te verdragen, verbinden wij ons tot één geheel! Hierover staat geschreven: “Een man en een vrouw en de Shechina (de Goddelijke Aanwezigheid) tussen hen”.

Wij beginnen met elkaar om te gaan via de Schepper, omdat wij niet alleen zijn: Hij is altijd tussen ons. Daardoor zie ik mijn vrouw door het prisma van de Schepper, ik zie namelijk beiden, de Schepper en haar. Op dezelfde wijze ziet zij de Schepper en mij.

Als wij de derde factor er niet bij betrekken, zullen we geen driehoek (man, vrouw en het Doel) kunnen bouwen en zullen we evenmin met elkaar kunnen leven. Op het animale niveau is het mogelijk, maar op het ‘sprekende niveau’ is het onmogelijk.

Ik zal de Schepper niet kunnen herkennen, als ik naar mijn man of vrouw niet door dit prisma kijk.

In oorsprong waren wij delen van één gezamenlijke ziel: Adam en Eva. Nu moeten wij deze ‘structuur’ weer tot leven brengen, hoewel de slang (ons enorm grote ego) ons heeft gescheiden. We moeten deze ‘slang’ corrigeren en de Goddelijke Aanwezigheid tussen ons onthullen.

Vraag: Dus het heeft geen zin om te wachten op de ‘prins op het witte paard’? Moeten we op zoek gaan naar de Schepper?

Antwoord: De Schepper staat bovenaan! Later is het belangrijk om je te richten op degene met wie, in jouw ogen, de vervulling met Hem gerealiseerd kan worden.

From a Lecture “About Femininity” 12/14/10

De Grens Bereiken

Arava Convention_2-2012Een mens heeft ook hulp van Boven nodig om tot absolute wanhoop te komen. Als mens alleen zijn wij daar niet toe in staat. Het is iets groots om je grens te voelen: dit ben ‘ik’, en dit is niet langer ‘ik’. Alleen de Schepper kan dit teken geven, deze grens laten voelen, de grens tussen Hem en mij.

Wij doen allerlei dingen met allerlei trucjes erbij, totdat we plotseling wanhopen, we zien er het zogenoemde ‘vonnis van de Hemel’ in, waarvan de betekenis is: een teken van Boven. Baal HaSulam schrijft: “Er is geen gelukkiger staat in de belevingswereld van een mens, dan wanneer hij zich wanhopig voelt over wat hij zelf kan ….” Deze staat komt naar een mens toe van de Schepper, men zit volkomen vast.

Wij waren bezig met het bijeen brengen van onze kleine inspanningen, een voor een, en dan ontvangen wij ze, tegelijkertijd, ze zijn al tot één geheel geworden. Wij stoppen onze inspanningen niet in een of ander doosje, nee, zij verzamelen zich tot één gezamenlijke kli (vat), en het resultaat komt van de Schepper. Niemand weet wanneer het zal gebeuren. Daarom vond de uittocht uit Egypte plaats in haast en duisternis.

Wanneer wij proberen om eenheid te bereiken, beginnen wij er samen aan te werken, en dan ontdekken wij plotseling de kracht van wanhoop, weerzin en machteloosheid. Deze wanhoop brengt ons tot een dringende vraag: wij hebben hulp nodig om ons met elkaar te verbinden. En wij schreeuwen het uit. Deze schreeuw wordt gevolgd door Hulp van Boven.

Het is dus onmogelijk om de Schepper te bereiken, zonder eerst innerlijke wanhoop te voelen en tot een gezamenlijke inspanning te komen. De Schepper is een Kracht, die juist onthuld wordt door gezamenlijke inspanning, gezamenlijk werk. In één enkel mens is de Schepper niet aanwezig. Het hogere Licht kan alleen aanwezig zijn in een kli, die in zekere mate gecorrigeerd is, één enkel mens is een “stukje, gebroken” van het geheel.

From the Arava Convention 2/25/12, Lesson #6

De Schepper En Ik Ontmoeten Elkaar In De Groep

Dr. Michael LaitmanAls een mens dichterbij de onthulling van de Schepper komt, voelt hij dat hij aan de voet van de Berg Sinaï staat. Enerzijds zijn daar al zijn kwade verlangens, anderzijds begrijpt hij, dat hij zijn verlangen om te ontvangen moet voorbereiden om de eigenschap van geven te verkrijgen, wat een afdruk is die Hij geeft. Dit is nodig om het Doel te bereiken en de Schepper te ontdekken. ‘Mens’ – Adam – betekent: ‘gelijk ‘ – Domeh aan de Schepper.

En zo maken wij, met elkaar, ons verlangen om te ontvangen gereed voor verschillende vormen van geven, zodat Zijn afdruk erin kan plaatsvinden. Dit is de staat van het geven van de Torah, waarover geschreven staat: “Jullie allen verschijnen vandaag …” Niet één, maar allen. Omdat wij de hogere Kracht alleen zullen onthullen in onze gezamenlijke eenheid.

Eigenlijk wordt er iets heel eenvoudigs van ons gevraagd: om de materie van ons verlangen voor te bereiden. Maar het is zo moeilijk voor ons, omdat het iets is dat niet meer tot onze wereld behoort. Het heet: wederzijdse insluiting, namelijk verbinding met elkaar. Wij moeten elkaar insluiten, namelijk met elkaar één geheel vormen, ons met elkaar verbinden door middel van ons verlangen, verder niets. Dan zullen wij de Makom (plaats) bereiken – die er vóór het breken van de kelim (vaten) was – waar het hogere Licht kan binnenkomen en Zijn afdruk kan maken.

Daarom maakt het niet uit wat we verder doen, als wij maar de juiste richting van verbinding aanhouden, om de Schepper te onthullen, zoals er geschreven staat: “Israel, de Torah en de Schepper zijn Eén.” ‘Israel’ is de mens, ‘Torah’ is de kracht van het Licht dat ons verbindt en ons brengt naar het punt van ‘liefde voor de naaste als voor onszelf’. En de ‘Schepper’ is de Wortel, de Oorsprong, die ons Zijn afdruk geeft als wij ons verenigen.

Zo sta ik aan de ene zijde, in de groep, en de Schepper staat aan de andere zijde. En als Hij en ik in staat zijn om elkaar in de groep te ontmoeten, vindt daar de onthulling plaats.

Op deze wijze komen wij verder. Al ons werk bestaat uitsuitend uit de voorbereiding hiervoor. Dit zal gebeuren als wij ‘allen samen staan’.

From the Arava Arvut Convention 2/23/12 Lesson #2

Werk Tijdens De Les

Dr. Michael LaitmanWij moeten onze intentie voor eenheid vasthouden, omdat alles wat wij kunnen bereiken in deze nauwkeurig gerichte intentie verborgen ligt. Wat wij tijdens de lessen horen is niet zo belangrijk, maar het is belangrijk dat wij tijdens de lessen voortdurend kunnen werken aan de eenheid met al onze vrienden, over de hele wereld. In de mate waarin wij ons inspannen om ons met elkaar te verenigen, komen wij verder, en hierin ligt onze gehele vooruitgang.

Als wij ons werk tijdens de les niet doen, kan het ons wel een soort begrip geven, ons een klein beetje verder brengen, maar dit zal geen spirituele ontwikkeling zijn.

Wij kijken deze week naar de opnamen van de lessen van het congres in de Arava. Er doet zich een vraag voor: kunnen wij tijdens het kijken een eenheid bereiken die nog sterker is dan wat wij daar hebben bereikt? En als dat niet zo is, zouden we dan niet beter weer de gebruikelijke routine van de lessen kunnen oppakken? Het antwoord is aan jullie.

Het allerbelangrijkste hierin bestaat uit constant werken aan eenheid. Het gaat niet over hoeveel ik begrijp (dit is volslagen onbelangrijk), maar over de mate, waarin ik mij inspan voor eenheid. Want juist binnen die eenheid zal het voor mij mogelijk zijn, om te voelen waarover gesproken wordt.

From the 2nd part of the Daily Kabbalah Lesson 2/28/12, “Questions and Answers”

De Kans Van Je Leven

Dr. Michael LaitmanVraag: De komende conventie geeft me een te sterk gevoel van angst en druk. Ik ervaar geen vreugde en liefde, maar alleen instructies en waarschuwingen. Ik heb helemaal het gevoel niet meer, dat ik naar een conventie ga. Waardoor ben ik nu in deze staat?

Antwoord: Dat komt omdat je er nooit aan gedacht hebt, dat een conventie geen picknick is. Als je naar onze conventies kwam, was het voor jou altijd zoiets als een festival met veel lezingen, opvoeringen, dansen, maaltijden …. Als een mens zich door zulk soort activiteiten bewuster wordt van zichzelf, zijn ze serieus en goed voor hem. Maar als dat niet het geval is, kan hij beter gewoon van het leven genieten, zonder zich bezig te houden met wat belangrijk is.

In het verleden was het ook al zo: mensen waren gewend om naar de Tempel te komen, omdat daar altijd vers vlees was en goede wijn. Maar anderen kwamen daar met heel andere bedoelingen.

Wij maken mensen nu duidelijk waar zij eigenijk zijn. Iedereen moet dit begrijpen en ermee instemmen, iedereen moet grote vrees voelen. De Torah beschrijft de uiterlijke tekenen van deze staat, zoals de aard die beeft, donderslagen, enzovoort. Het is ook werkelijk zo.

Tegelijkertijd moet deze heel belangrijke staat vreugde in ons oproepen. Je bent in Gevurot (krachten), maar het hogere niveau wordt aan je onthuld, als je het verdient, natuurlijk. Als dat niet zo is, wordt dit je graf. Jij besluit dus of je komt of niet.

De kwaliteit van degenen die komen is belangrijker dan de kwantiteit. Massa verspreiding van het principe van wederzijds garant staan is één ding, een spirituele stijging in de woestijn is iets anders.

Als iemand erheen gaat, alsof hij naar een picknick gaat, zal hij zichzelf grote schade toebrengen. Hij zal onze kracht verminderen en ons verstoren met zijn vreemde gedachten en verlangens, daarvoor zal hij in de toekomst gestraft worden. Zo iemand behoort niet te komen. Er is hier uitsluitend plaats voor degenen die heel serieus zijn.

Ik begrijp het als mensen besluiten om thuis te blijven. Dat is dan eigenlijk een heel serieuze houding: een mens is bang, onzeker over zichzelf, begrijpt dat hij innerlijk nog zwak is ….

Wel, misschien krijg je een nieuwe kans over zo’n tweeduizend jaar?

From the 4th part of the Daily Kabbalah Lesson 2/20/12, “Advice for the Arava Convention”

Page 1 of 512345