“Dan Neemt De Priester Je De Mand Uit De Hand …”

laitman_276_01Torah, Dewariem (Deuteronomium) 26:3 – 26:4: En als je bij de priester gekomen bent, die in die dagen de dienst verricht, moet je hem zeggen: “Heden verklaar ik voor de Eeuwige, uw God, dat ik gekomen ben in het land dat de Eeuwige onder ede aan onze voorouders beloofd heeft, om het ons te geven.” Dan neemt de priester je de mand uit de hand en zet die voor het altaar van de Eeuwige, je God”. (Vertaling: Jitschak Dasberg)

Cohen (priester) is de eigenschap van geven, de hoge kwaliteit die alles verbindt tot één geheel. Als je een dergelijke kwaliteit kunt bereiken, wil dat zeggen dat je je tot de Cohen wendt.

In ieder van ons bevindt zich ofwel een dier – een simpel mens – of iemand die aan zichzelf gaat werken. Met andere woorden: mijn “ik” begint aan zichzelf te werken om zich met anderen te kunnen verbinden, en door middel van deze verbinding met de Schepper.

Als ik op deze manier met anderen werk, word ik een Leviet genoemd, en als ik door deze verbinding met anderen met de Schepper ga werken, word ik een Cohen genoemd. Binnen deze hiërarchie bereik ik contact met de Schepper en leef ik in hechting met Hem.

Dit betekent dat ik mijn mand naar de Cohen breng, namelijk al mijn intenties en inspanningen.

From KabTV’s “Secrets of the Eternal Book” 11/9/16

 

Discussion | Share Feedback | Ask a question




"Kabbalah & het Doel van het Leven" Comments RSS Feed